Omgangsregeling en co-ouderschap: uw rechten na scheiding

·2 min leestijd
Omgangsregeling en co-ouderschap: uw rechten na scheiding

Na een scheiding hebben beide ouders recht op omgang met hun kinderen. Lees over de omgangsregeling, co-ouderschap en wat u kunt doen bij geschillen.

Na een scheiding hebben beide ouders in beginsel recht op omgang met hun kinderen, en heeft het kind recht op omgang met beide ouders (artikel 1:377a BW). Dat geldt of u nu getrouwd was, een geregistreerd partnerschap had of samenwoonde. De afspraken worden vastgelegd in een ouderschapsplan; komt u er samen niet uit, dan kan de rechter een regeling vaststellen waarbij het belang van het kind voorop staat.

De omgangsregeling

De omgangsregeling bepaalt wanneer het kind bij welke ouder verblijft. Er is geen wettelijk verplichte verdeling: u kunt de regeling afstemmen op werk, school, woonafstand en de wensen van het kind. Het uitgangspunt is steeds dat beide ouders betrokken blijven bij de opvoeding.

Co-ouderschap

Bij co-ouderschap verdelen beide ouders de zorg- en opvoedingstaken min of meer gelijk. Het kind woont afwisselend bij beide ouders, bijvoorbeeld in een week-op-week-afregeling. Co-ouderschap is niet verplicht en lukt het beste als ouders goed met elkaar kunnen communiceren en dicht bij elkaar wonen. Het wordt steeds vaker gekozen wanneer de omstandigheden dat toelaten.

Het ouderschapsplan

Bij een scheiding met minderjarige kinderen is een ouderschapsplan verplicht (artikel 815 Rv). Daarin legt u onder meer vast:

  • de verdeling van zorg- en opvoedingstaken;
  • de omgangsregeling: wanneer het kind bij welke ouder is;
  • hoe u elkaar informeert over belangrijke zaken rond het kind;
  • de kosten van verzorging en opvoeding (kinderalimentatie).

Een helder en realistisch ouderschapsplan voorkomt veel latere conflicten.

Geschillen over de omgang

Worden ouders het niet eens, dan kan de rechter een omgangsregeling vaststellen. De rechter neemt het belang van het kind als eerste overweging. Alleen in uitzonderlijke gevallen kan de rechter het omgangsrecht tijdelijk ontzeggen, namelijk wanneer omgang ernstig nadeel oplevert voor het kind (artikel 1:377a lid 3 BW). Ontzegging is een zwaar middel en wordt niet snel toegewezen.

Een regeling wijzigen

Een bestaande omgangsregeling kan worden gewijzigd als de omstandigheden veranderen, bijvoorbeeld bij verhuizing, een nieuwe baan, een schoolwissel of problemen in de uitvoering. Probeer eerst in onderling overleg of via mediation tot nieuwe afspraken te komen. Lukt dat niet, dan kunt u de rechter vragen de regeling aan te passen.

Tot slot

Goede afspraken over omgang en co-ouderschap geven rust voor ouders én kind. Heeft u hulp nodig bij het opstellen van een ouderschapsplan of loopt een omgangsregeling vast? Neem gerust contact met ons op; we helpen u graag verder.

Veelgestelde vragen

Hebben beide ouders recht op omgang na een scheiding?
Ja. In beginsel hebben beide ouders recht op omgang en heeft het kind recht op omgang met beide ouders (artikel 1:377a BW).
Is een ouderschapsplan verplicht?
Ja, bij een scheiding met minderjarige kinderen is een ouderschapsplan verplicht (artikel 815 Rv).
Kan de rechter de omgang ontzeggen?
Alleen in uitzonderlijke gevallen, namelijk wanneer omgang ernstig nadeel oplevert voor het kind (artikel 1:377a lid 3 BW).
Kan een omgangsregeling later worden gewijzigd?
Ja, bij gewijzigde omstandigheden. Probeer eerst overleg of mediation; lukt dat niet, dan kan de rechter de regeling aanpassen.
Terug naar blog
Deel dit artikel

Heeft u juridisch advies nodig?

Plan een gratis adviesgesprek met een van onze specialisten