Unus testis nullus testis
Het beginsel 'unus testis nullus testis' houdt in dat de verklaring van één enkele getuige onvoldoende is om een feit te bewijzen en dat aanvullend bewijs vereist is.
Het Latijnse adagium 'unus testis nullus testis' stamt uit het Romeinse recht en betekent letterlijk dat één getuige geen getuige is. Dit rechtsbeginsel benadrukt dat een enkele getuigenverklaring niet volstaat als overtuigend bewijs in juridische procedures, omdat het risico van onjuistheid of partijdigheid te groot is.
Het beginsel is vooral relevant in het bewijsrecht, met name in strafzaken, waar de rechter voldoende en betrouwbaar bewijs moet hebben om tot een veroordeling te komen. Het dient als waarborg tegen willekeurige beslissingen op basis van onvoldoende onderbouwde verklaringen.
In de Nederlandse praktijk wordt het beginsel nog wel aangehaald in pleidooien en vonnissen om de noodzaak van corroboratie te onderstrepen, ook al hanteert het moderne bewijsrecht flexibelere maatstaven dan de strikte Romeinse regel.
“De advocaat beriep zich op het beginsel unus testis nullus testis om duidelijk te maken dat de enkele getuigenverklaring onvoldoende was voor een veroordeling.”
Gerelateerde termen
Heeft u juridisch advies nodig?
Plan een gratis adviesgesprek met een van onze specialisten