Smaad is het opzettelijk in het openbaar beschuldigen van iemand van een bepaald feit met het doel diens eer of goede naam te schaden. Het is strafbaar gesteld in artikel 261 van het Wetboek van Strafrecht.

Smaad vormt een specifiek misdrijf binnen het Nederlandse strafrecht waarbij de dader opzettelijk een concrete beschuldiging uit in het openbaar. De beschuldiging moet betrekking hebben op een feit dat de eer of goede naam van het slachtoffer kan aantasten en er moet sprake zijn van het kennelijke oogmerk om schade toe te brengen.

In de praktijk is smaad relevant bij zowel strafrechtelijke vervolging als civiele claims voor schadevergoeding. Slachtoffers kunnen aangifte doen bij de politie, waarna het Openbaar Ministerie kan besluiten tot vervolging. Ook kan een civiele procedure worden gestart om immateriële schade te vorderen.

Binnen een advocatenpraktijk zoals Arslan & Arslan komt smaad regelmatig voor in zaken over online uitingen, zakelijke conflicten of persoonlijke geschillen waarbij reputatieschade centraal staat.

“De verdachte werd veroordeeld voor smaad nadat hij tijdens een openbare vergadering valse beschuldigingen had geuit over de integriteit van zijn voormalige zakenpartner.”

Heeft u juridisch advies nodig?

Plan een gratis adviesgesprek met een van onze specialisten