De waarheidsplicht is de wettelijke verplichting van partijen in een gerechtelijke procedure om de rechter feitelijk juiste en volledige informatie te verstrekken en niet te misleiden.

De waarheidsplicht, neergelegd in artikel 21 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, verplicht eiser en gedaagde om alle relevante feiten naar waarheid aan te voeren. Deze plicht geldt gedurende de gehele procedure en strekt zich uit tot zowel schriftelijke als mondelinge standpunten.

Het doel is een eerlijke en efficiënte rechtspleging te waarborgen, zodat de rechter op basis van correcte informatie kan beslissen. Bij schending kan de rechter sancties opleggen, zoals het negeren van bepaalde stellingen, een proceskostenveroordeling of in extreme gevallen niet-ontvankelijkverklaring.

In de praktijk betekent dit dat advocaten cliënten expliciet moeten informeren over deze verplichting en dat onjuiste of onvolledige informatie ernstige gevolgen kan hebben voor de uitkomst van de zaak.

“De rechter wees de vordering af wegens schending van de waarheidsplicht, omdat de eiser essentiële feiten had verzwegen.”

Heeft u juridisch advies nodig?

Plan een gratis adviesgesprek met een van onze specialisten