Juridisch Woordenboek

Uitleg van veelgebruikte juridische termen

S

185 termen

SLA (Service Level Agreement)

Overeenkomst over het niveau en de kwaliteit van te leveren diensten.

STAK-faillissement

Faillissement van een Stichting Administratiekantoor.

Salaris

De periodieke financiële vergoeding die een werknemer ontvangt voor verrichte arbeid.

Salarisschaal

Een gestructureerd systeem van loontreden binnen een functiegroep.

Sale-and-leaseback

Een sale-and-leaseback is een transactie waarbij een onderneming een activum, zoals onroerend goed, verkoopt aan een investeerder en dit direct terugleaset om liquiditeit te verkrijgen.

Salvo titulo

Salvo titulo is een Latijnse term die 'onder voorbehoud van titel' betekent en waarmee eigendomsrechten of aanspraken worden voorbehouden.

Samenlevingscontract

Notariële overeenkomst tussen samenwoners over hun financiële afspraken.

Samenlevingsovereenkomst

Overeenkomst tussen ongehuwde partners over de regeling van hun samenleving.

Samenwerkingsovereenkomst

Overeenkomst tussen partijen om samen te werken aan een gemeenschappelijk doel.

Samenwoners

Personen die ongehuwd samenwonen in een gemeenschappelijke huishouding.

Samenwoning

Het samen bewonen van een woning door twee of meer personen.

Samenwoningsplicht

De wettelijke verplichting van echtgenoten om samen te wonen.

Sanctie

Een door de overheid of een organisatie opgelegde maatregel bij overtreding van regels.

Sanering

Het opschonen of herstellen van een verontreinigde locatie of financiële situatie.

Sans prejudice

Een juridische uitdrukking die aangeeft dat een communicatie of handeling de rechten of positie van partijen niet schaadt of als erkenning geldt.

Schadeafhandeling

Het proces van behandeling en afwikkeling van een schadeclaim.

Schadebegroting

De vaststelling van de omvang van de schade in geld.

Schadebeperking

De plicht van de benadeelde om de schade zoveel mogelijk te beperken.

Schadebeperkingsplicht

De schadebeperkingsplicht is de verplichting van de benadeelde om redelijke maatregelen te nemen om de omvang van de schade te beperken.

Schadeberekening

De berekening van de totale omvang van de geleden schade.

Schadebesluit

Besluit van een bestuursorgaan over vergoeding van schade veroorzaakt door rechtmatig overheidshandelen.

Schadeclaim

Een vordering tot vergoeding van geleden schade.

Schadelast

Het totale bedrag aan schade-uitkeringen van een verzekeraar in een bepaalde periode.

Schadeloosstelling

Volledige vergoeding van geleden schade.

Schadeomvang

De totale grootte van de geleden schade.

Schadepost

Een afzonderlijk onderdeel van de totale schade.

Schaderegelaar

Persoon die namens de verzekeraar schades beoordeelt en afhandelt.

Schaderegeling

Het proces van onderhandeling en afwikkeling van een schadevordering.

Schadereserve

Bedrag dat een verzekeraar reserveert voor verwachte maar nog niet afgewikkelde schades.

Schadestaatprocedure

De schadestaatprocedure is een aparte civiele procedure waarin de omvang van de schade wordt vastgesteld nadat de aansprakelijkheid al is erkend of vastgesteld.

Schadevaststelling

Het proces van vaststelling van aard en omvang van de schade.

Schadevergoeding

Schadevergoeding is de financiële compensatie die een partij aan een andere moet betalen voor geleden schade. Het doel is de benadeelde zoveel mogelijk in de positie te brengen alsof de schade niet had plaatsgevonden.

Schadevergoeding in natura

Schadevergoeding door herstel in de oorspronkelijke toestand in plaats van geld.

Schadevergoedingsmaatstaf

De norm aan de hand waarvan de hoogte van de schadevergoeding wordt bepaald.

Schadeverzekering

Verzekering die de werkelijk geleden schade vergoedt.

Scheiding en deling

De verdeling van een gemeenschappelijk vermogen tussen de gerechtigden.

Scheiding van tafel en bed

Opheffing van de verplichting tot samenwoning zonder ontbinding van het huwelijk.

Scheidingsconvenant

Overeenkomst tussen echtgenoten over de gevolgen van hun echtscheiding.

Scheidingsmediator

Een neutrale derde die echtgenoten begeleidt bij het bereiken van afspraken over hun scheiding.

Scheidingsmelding

De melding van een echtscheiding bij de burgerlijke stand.

Schending ambtsgeheim

Het onbevoegd bekendmaken van informatie die men uit hoofde van ambt of beroep heeft verkregen.

Schending zorgplicht

Het niet nakomen van de verplichting om zorgvuldig te handelen ten opzichte van een ander.

Schengenakkoord

Verdrag dat voorziet in de afschaffing van grenscontroles tussen deelnemende Europese staten.

Schenkbelasting

Belasting die wordt geheven over de waarde van een schenking.

Schenking

Een schenking is een overeenkomst waarbij de ene partij zich verbindt de andere te verrijken zonder daarvoor een tegenprestatie te ontvangen.

Schenking onder schuldigerkenning

Een schenking onder schuldigerkenning is een notariële constructie waarbij de schenker erkent een geldsom schuldig te zijn aan de begiftigde, die als schenking wordt aangemerkt. Dit creëert een vordering zonder dat direct geld wordt overgedragen.

Schijn van volmachtverlening

De situatie waarin een derde gerechtvaardigd mag vertrouwen dat iemand bevoegd is te handelen.

Schijnzelfstandigheid

Werken als zzp'er terwijl er feitelijk sprake is van een gezagsverhouding zoals bij een dienstverband.

Schikking

Een overeenkomst waarbij partijen een geschil beëindigen door wederzijdse concessies.

Schikking (strafrecht)

Overeenkomst tussen de officier van justitie en de verdachte ter voorkoming van strafvervolging.

Scholingsplicht

De verplichting van de werkgever om de werknemer scholing te bieden.

Schone lei

Het kwijtschelden van restschulden na afronding van een schuldsaneringstraject.

Schorsende werking

Het effect dat een rechtsmiddel de tenuitvoerlegging van een besluit of vonnis opschort.

Schorsing

De tijdelijke opschorting van rechten, verplichtingen of bevoegdheden.

Schotelantenne

Een ontvangstantenne voor satellietsignalen die juridische vragen oproept in het huurrecht.

Schouderletsel

Lichamelijke beschadiging aan de schouder als gevolg van een ongeval.

Schriftelijke ronde

Het deel van een civiele procedure waarin partijen schriftelijke stukken indienen.

Schriftelijke volmacht

Een schriftelijk document waarmee iemand een ander machtigt namens hem te handelen.

Schriftelijkheidsvereiste

Het wettelijke vereiste dat een overeenkomst of rechtshandeling schriftelijk moet worden vastgelegd.

Schuld

Verwijtbaarheid van het handelen of nalaten van een persoon.

Schuld (strafrecht)

De verwijtbaarheid als voorwaarde voor strafrechtelijke aansprakelijkheid.

Schuldeiser

Degene die recht heeft op een prestatie van de schuldenaar.

Schuldeisersbenadeling

Het verrichten van rechtshandelingen die de verhaalsmogelijkheden van schuldeisers benadelen.

Schuldeiserscommissie

Een door de rechtbank benoemde commissie van schuldeisers in een faillissement.

Schuldeisersverzuim

Schuldeisersverzuim is de situatie waarin de schuldeiser nalaat de hem aangeboden prestatie van de schuldenaar te aanvaarden, waardoor nakoming wordt belemmerd.

Schuldenaar

Degene die verplicht is tot een prestatie jegens de schuldeiser.

Schuldigerkenning

Schuldigerkenning is een verklaring waarbij een partij erkent een schuld of aansprakelijkheid te hebben jegens een ander. Deze erkenning kan dienen als bewijs in civiele procedures.

Schuldsanering

Wettelijke regeling voor het saneren van schulden van natuurlijke personen.

Schuldsanering particulier

Minnelijk of wettelijk traject voor het oplossen van schulden van particulieren.

Secundair EU-recht

Regelgeving vastgesteld door EU-instellingen op basis van de verdragen.

Secundaire arbeidsvoorwaarden

Arbeidsvoorwaarden naast het salaris, zoals vakantiedagen, pensioen en vergoedingen.

Secundaire victimisatie

Het opnieuw slachtoffer worden door de bejegening na een misdrijf.

Selbsteintritt

Selbsteintritt is een Duits handelsrechtelijk begrip waarbij een commissionair het recht heeft om zelf als koper of verkoper op te treden in plaats van een derde partij te contracteren.

Separatist

Schuldeiser met zekerheidsrecht die buiten het faillissement om kan verhalen.

Sepot

Een sepot is de beslissing van het Openbaar Ministerie om een strafzaak niet te vervolgen.

Serieschade

Meerdere schadegevallen voortvloeiend uit dezelfde oorzaak of reeks gebeurtenissen.

Servicekosten

Kosten die een huurder naast de kale huurprijs betaalt voor aanvullende diensten.

Servicekosten huur

De bij huur verschuldigde bijkomende kosten voor diensten en leveringen.

Servicekosten huurwoning

Bijkomende kosten naast de huurprijs van een huurwoning.

Shockschade

Immateriële schade door het waarnemen van een ernstig ongeval of misdrijf.

Signalering

Registratie van een persoon in een opsporingssysteem.

Sine die

Sine die is een Latijnse term die betekent dat een zaak of zitting wordt uitgesteld zonder een nieuwe datum vast te stellen, waardoor de procedure voor onbepaalde tijd wordt opgeschort.

Sine qua non

Sine qua non is een Latijnse term die een onmisbare voorwaarde aanduidt. In het recht wordt hiermee een element bedoeld zonder welke een bepaald gevolg niet zou zijn ingetreden.

Slaafse nabootsing

Slaafse nabootsing is het zo nauwkeurig imiteren van het uiterlijk of de presentatie van een product dat verwarring ontstaat over de herkomst.

Slachtofferhulp

Organisatie en hulpverlening aan slachtoffers van misdrijven en calamiteiten.

Slachtofferrechten

Wettelijke rechten van slachtoffers in het strafproces.

Sleutelbeenfractuur

Breuk van het sleutelbeen, vaak door een val of aanrijding.

Sleutelgeld

Verboden betaling die een verhuurder vraagt voor het overhandigen van de sleutel.

Slijtage

Geleidelijke achteruitgang van een zaak door normaal gebruik.

Smaad

Smaad is het opzettelijk in het openbaar beschuldigen van iemand van een bepaald feit met het doel diens eer of goede naam te schaden. Het is strafbaar gesteld in artikel 261 van het Wetboek van Strafrecht.

Smaadschrift

Een smaadschrift is een schriftelijk stuk waarin een persoon op beledigende wijze wordt beschuldigd van feiten die hun eer of goede naam aantasten.

Smartengeld

Smartengeld is een vergoeding voor immateriële schade, zoals pijn, verdriet of gederfde levensvreugde als gevolg van een onrechtmatige daad of aansprakelijkheid.

Smartengeldgids

Naslagwerk met richtbedragen voor immateriële schadevergoeding.

Snelrecht

Snelrecht is een versnelde strafrechtelijke procedure waarbij verdachten van bepaalde lichte misdrijven binnen enkele dagen na aanhouding voor de rechter worden gebracht.

Sociale huur

Huurwoning met een huurprijs onder de liberalisatiegrens.

Sociale zekerheid EU

EU-coördinatie van socialezekerheidsstelsels voor grensoverschrijdende situaties.

Soevereiniteit

Het hoogste gezag van een staat over zijn grondgebied en bevolking.

Software-octrooi

Octrooibescherming voor technische uitvindingen die software omvatten.

Sollicitatiecode

Gedragscode voor de werving en selectie van personeel.

Sollicitatieperiode

Periode waarin een werknemer na ontslag solliciteert naar een nieuwe baan.

Solvabiliteit

Het vermogen van een onderneming om aan al haar financiële verplichtingen te voldoen.

Sommatie

Een sommatie is een formele schriftelijke ingebrekestelling waarin een partij de wederpartij sommeert een verplichting na te komen, vaak voorafgaand aan een juridische procedure.

Sommenverzekering

Verzekering die een vast bedrag uitkeert bij het intreden van een bepaalde gebeurtenis.

Soortgelijke waren

Waren die in het merkenrecht als vergelijkbaar worden beschouwd.

Specificatie

Vorming van een nieuwe zaak uit een of meer bestaande zaken.

Spierletsel

Schade aan spierweefsel door een ongeval of overbelasting.

Splitsing

Verdeling van het vermogen van een rechtspersoon over twee of meer rechtspersonen.

Splitsingsakte

Een splitsingsakte is een notariële akte waarmee een gebouw wordt gesplitst in afzonderlijke appartementen of units. Hiermee ontstaat een vereniging van eigenaren die het gemeenschappelijke beheer regelt.

Splitsingsreglement

Een splitsingsreglement is het reglement dat deel uitmaakt van de splitsingsakte en de regels bevat voor het gebruik, beheer en onderhoud van een gebouw dat is gesplitst in appartementsrechten.

Splitsingsvergunning

Vergunning voor het splitsen van een gebouw in afzonderlijke appartementsrechten.

Spoedappel

Een spoedappel is een versnelde procedure voor hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State in zaken met een dringend belang.

Spoedeisend belang

Spoedeisend belang is het vereiste dat een partij aantoont dat er een acute noodzaak bestaat voor een onmiddellijke rechterlijke beslissing, omdat een gewone procedure te lang zou duren.

Spontane vernietiging

Ambtshalve vernietiging van een besluit door een bestuursorgaan.

Sportongeval

Ongeval dat plaatsvindt tijdens het beoefenen van sport.

Spreekrecht

Het recht van slachtoffers om ter zitting een verklaring af te leggen.

Staande houden

Bevoegdheid van opsporingsambtenaren om een persoon te vragen naar identiteitsgegevens.

Staande magistratuur

De staande magistratuur is de verzamelnaam voor het Openbaar Ministerie, dat belast is met de opsporing en vervolging van strafbare feiten.

Staatsraad

Lid van de Raad van State, het hoogste adviesorgaan van de regering.

Staatssteun

Financiële steun van de overheid aan ondernemingen die de mededinging kan verstoren.

Stadsvernieuwing

Herstructurering en verbetering van verouderde stedelijke gebieden.

Staking

Collectieve werkonderbreking door werknemers als drukmiddel.

Stamrecht

Recht op periodieke uitkeringen, vaak bij ontslag.

Standplaats

Vaste plek op de openbare weg voor het uitoefenen van ambulante handel.

Stare decisis

Stare decisis is het rechtsbeginsel dat rechters zich dienen te houden aan precedenten uit eerdere uitspraken in vergelijkbare zaken.

Startverklaring

Een startverklaring is een schriftelijke verklaring waarmee een startende ondernemer aangeeft dat hij of zij begint met het drijven van een onderneming voor fiscale doeleinden.

Status quo

De status quo is de bestaande feitelijke of juridische situatie die gehandhaafd moet blijven totdat een rechterlijke beslissing volgt.

Statutair bestuur

Het statutair bestuur is het orgaan van een vennootschap dat volgens de statuten is benoemd en belast is met het beleid en de dagelijkse leiding van de rechtspersoon.

Statutaire zetel

De statutaire zetel is het officiële adres van een rechtspersoon zoals vastgelegd in de statuten. Het vormt de juridische vestigingsplaats voor correspondentie en rechtsgeldige handelingen.

Statuten

Statuten zijn de interne regels van een rechtspersoon, zoals een BV of NV, die de structuur, bevoegdheden en werking vastleggen.

Statutenwijziging

Een statutenwijziging is de formele aanpassing van de statuten van een rechtspersoon zoals een BV of NV. Dit vereist doorgaans een notariële akte en een besluit van de aandeelhouders of leden.

Stelplicht

Verplichting van een procespartij om voldoende feiten te stellen ter onderbouwing van haar vordering of verweer.

Stemming

Formele besluitvorming door middel van het uitbrengen van stemmen.

Stemovereenkomst

Een stemovereenkomst is een contractuele afspraak tussen aandeelhouders over de wijze waarop zij hun stemrecht in de algemene vergadering van aandeelhouders zullen uitoefenen.

Stemrecht

Stemrecht is het recht om in een vergadering te stemmen over besluiten van een rechtspersoon. Dit recht komt doorgaans toe aan aandeelhouders of leden.

Stemverslag

Een stemverslag is een document waarin de uitslag van de stemmingen tijdens een aandeelhoudersvergadering of algemene vergadering wordt vastgelegd.

Sterfhuisconstructie

Een sterfhuisconstructie is een fiscale structuur waarbij bij overlijden van de eigenaar activa of aandelen op een gestructureerde wijze worden overgedragen om belastingheffing te minimaliseren of uit te stellen.

Steunvordering

Een steunvordering is een vordering van een schuldeiser die een faillissementsaanvraag van een andere schuldeiser ondersteunt.

Stichting

Rechtspersoon zonder leden, opgericht om een bepaald doel te verwezenlijken.

Stichting administratiekantoor

Een stichting administratiekantoor (STAK) is een onafhankelijke stichting die aandelen in een vennootschap houdt en daarvoor certificaten van aandelen uitgeeft aan certificaathouders.

Stiefouder

De nieuwe partner van een ouder die niet de biologische ouder van het kind is.

Stille bewindvoerder

Een stille bewindvoerder is een door de rechtbank benoemde curator die in stilte, zonder openbare bekendmaking, optreedt om een mogelijk faillissement voor te bereiden.

Stille bewindvoering

Informele fase vóór faillissement waarbij een beoogd curator meedenkt.

Stilzwijgende verlenging

Automatische verlenging van een overeenkomst bij het uitblijven van opzegging.

Stoelendansmethode

De stoelendansmethode is een selectiemethode bij reorganisaties waarbij werknemers worden toegewezen aan de resterende uitwisselbare functies op basis van objectieve criteria zoals anciënniteit en leeftijd.

Stoffering

Niet-vaste inrichting van een woning zoals gordijnen en vloerbedekking.

Stomaletsel

Letsel dat leidt tot de noodzaak van een stoma.

Strafbeschikking

Beslissing van de officier van justitie tot het opleggen van een straf zonder rechterlijke tussenkomst.

Strafblad

Registratie van strafrechtelijke veroordelingen van een persoon.

Strafeis

De straf die de officier van justitie vordert ter zitting.

Strafklacht

Verzoek van een slachtoffer aan het OM om vervolging in te stellen bij een klachtdelict.

Strafmaat

De hoogte of zwaarte van de opgelegde straf.

Strafmaatbepaling

Het proces van vaststelling van de passende straf door de rechter.

Strafproces

Het geheel van procedures in een strafzaak van opsporing tot uitspraak.

Strafrecht

Rechtsgebied dat strafbare feiten en de daarop gestelde straffen regelt.

Strafuitsluitingsgrond

Omstandigheid waardoor een strafbaar feit niet bestraft wordt.

Strafvermindering

Verlaging van de straf wegens verzachtende omstandigheden.

Strafvordering

Het geheel van regels voor de vervolging en berechting van strafbare feiten.

Strafzaak

Zaak waarin een verdachte wordt vervolgd voor een strafbaar feit.

Stricto sensu

Stricto sensu is een Latijnse term die 'in strikte zin' betekent en verwijst naar een letterlijke, beperkte interpretatie van een begrip of wetsbepaling.

Strijd met wettelijke plicht

Onrechtmatige daad bestaande uit het handelen in strijd met een wettelijke verplichting.

Structuurregeling

Wettelijke regeling voor grote vennootschappen met een verplichte raad van commissarissen.

Structuurregime

Het structuurregime is een wettelijk regime uit Boek 2 BW dat geldt voor grote Nederlandse NV’s en BV’s en voorziet in een raad van commissarissen met verplichte benoemings- en toezichtbevoegdheden.

Structuurvennootschap

Een structuurvennootschap is een grote Nederlandse NV of BV die voldoet aan de wettelijke criteria van het structuurregime en daarom verplicht een raad van commissarissen met vergaande bevoegdheden moet instellen.

Studentenhuisvesting

Woonruimte specifiek bestemd voor studenten.

Studentenkamer

Onzelfstandige woonruimte bewoond door een student.

Studiekostenbeding

Afspraak waarbij de werknemer studiekosten moet terugbetalen bij voortijdig vertrek.

Stuiting

Stuiting is de onderbreking van de verjaring van een rechtsvordering, waardoor een nieuwe verjaringstermijn begint te lopen.

Stuiting verjaring

Handeling waardoor een verjaringstermijn opnieuw begint te lopen.

Sub iudice

Sub iudice is een Latijnse term die aangeeft dat een zaak nog onder behandeling is bij de rechter en nog geen definitieve uitspraak is gedaan.

Sub voce

Sub voce is een Latijnse term die 'onder het woord' betekent en wordt gebruikt om te verwijzen naar een specifiek trefwoord of lemma in een juridisch naslagwerk of woordenboek.

Subjectief recht

Een door het objectieve recht aan een individu toegekend recht.

Subjectieve voorzienbaarheid

De mate waarin een specifieke persoon de gevolgen van zijn handelen kon voorzien.

Subrogatie

Subrogatie is de overgang van een vordering waarbij een derde in de rechten van de oorspronkelijke schuldeiser treedt. Dit mechanisme voorkomt ongerechtvaardigde verrijking en komt vooral voor bij verzekeringen.

Subrogatie (verzekering)

Overgang van het vorderingsrecht van de verzekerde op de verzekeraar na uitkering.

Subsidiariteit

Beginsel dat een hogere overheid slechts optreedt als lagere overheden onvoldoende effectief zijn.

Subsidie

Financiële bijdrage van de overheid voor activiteiten in het algemeen belang.

Substantiëringsplicht

Verplichting van de eiser om zijn vordering bij dagvaarding feitelijk te onderbouwen.

Substituut

Plaatsvervanger van een officier van justitie of griffier.

Successie

Overgang van vermogen bij overlijden.

Sui generis

Sui generis is een Latijnse term die 'van zijn eigen soort' betekent en verwijst naar een unieke juridische regeling die niet past binnen bestaande wettelijke categorieën.

Supranationaal

Boven de staat staand, met rechtstreekse werking in de lidstaten.

Surseance

Uitstel van betaling verleend aan een schuldenaar om zijn financiën te reorganiseren.

Surseance van betaling

Surseance van betaling is een wettelijke regeling waarbij een onderneming tijdelijk wordt beschermd tegen haar schuldeisers om een doorstart of sanering mogelijk te maken.

Surseanceverslag

Periodiek verslag van de bewindvoerder over het verloop van de surseance.

Syndicus

Beheerder van een Vereniging van Eigenaars of vakbondsfunctionaris.

Heeft u juridisch advies nodig?

Plan een gratis adviesgesprek met een van onze specialisten